Gezondheids en gedragsproblemen
Wij kunnen hier natuurlijk slechts algemene vragen beantwoorden. Schroomt u niet, als u uw vragen hier niet beantwoord ziet, om telefonisch contact op te nemen met St. Zwerfdier.
Wij zijn geen dierenartsen en kunnen om die reden niet uitgebreid op gezondheidsproblemen ingaan, maar slechts summier wat tips geven bij problemen.
De illustraties zijn van de hand van Fons Bruinenberg.
Voeding
De kat eet wanneer hij/zij trek heeft. Zorg er daarom altijd voor dat er eten voor de kat klaar staat. Een jonge kat heeft nog 3 maaltijden per dag nodig. Als de kat ouder is dan 6 maanden kunt u overgaan tot 2 voedingen per dag. Een volwassen kat heeft genoeg aan 1 a 2 voedingen per dag. Oude(re) katten kunt u beter wat vaker wat kleinere hoeveelheden voeding geven. Bij oudere katten kunt u het best overschakelen op seniordieet; dit spaart de nieren.
Geef de kat het liefst kant en klare voeding uit blik of in brok. Je kunt de voeding zelf samenstellen, maar vaak ontbreken dan nog belangrijke vitamines of mineralen. In blik- of brokvoeding zit alles wat de kat nodig heeft. Blikvoer vindt de kat vaak lekker, maar blikvoer bestaat wel voor 80% uit water. Brokjes zijn compacter en door het knabbelen op brokjes blijft het gebit ook wat langer schoon. Geef brokjes als hoofdmaaltijd en geef blikvoer als een lekkernijtje. De kat vindt gekookte kip of vis soms ook wel lekker.
De kat is soms erg moeilijk met eten. Probeer uit wat het dier het lekkerst vindt en waar het dier goede ontlasting op produceert. Als u dit heeft uitgevonden dan kunt u de kat het best op deze voeding houden. Wisselen van voeding kan diarreeklachten veroorzaken. Als u het aangebroken blikvoer in de koelkast bewaart zorg dan dat u het voer eerst op kamertemperatuur laat komen alvorens u het aan de kat geeft, want te koude voeding kan diarreeklachten veroorzaken.
Drinken
Geef de kat bij voorkeur water te drinken. Melk of melkproducten (ook de speciale kattenmelk) kunnen vaak diarree veroorzaken. Geef een kat met zwakke darmen nooit melkproducten. Wilt u toch melk geven, dan kunt u beter volle melk of koffieroom geven dan halfvolle of met water verdunde melk. Hoe vetter de melk is, hoe beter de kat het kan verteren.
Een kat zie je niet vaak water drinken. Drinkt een kat wel opvallend veel water, dan is er toch echt iets aan de hand. Veel drinken kan duiden op bijvoorbeeld nierfalen of suikerziekte. Ga in geval van veel drinken met de kat langs de dierenarts. De dierenarts zal wat bloed afnemen voor onderzoek en op die manier de oorzaak van het vele drinken kunnen vaststellen.
Vitamines en mineralen
In de commerciële voedingen, zoals blik en brokken, zit alles wat de kat nodig heeft. Het toevoegen van vitamines en mineralen zijn daarom overbodig. U kunt zelfs door het toevoegen van vitamines meer fout doen dan goed. Bent u bang dat uw kat van het een of het ander toch te kort krijgt, vraag dan uw dierenarts om advies.
Entingen
De jonge kat kun je het beste laten inenten als deze 9 weken oud is. Vanaf deze leeftijd kunnen ze een definitieve inenting krijgen. De katten worden dan ingeënt tegen kattenziekte, meestal in combinatie met niesziekte. Na een maand moet deze enting worden herhaald De enting tegen de kattenziekte is een 100% sluitende enting, uw ingeënte kat zal deze ziekte dan niet meer (moeten kunnen) oplopen.
De enting tegen niesziekte is geen 100% sluitende enting. De kat die tegen niesziekte is ingeënt kan evengoed met het niesziektevirus besmet worden. Niesziekte is niets anders dan een flinke verkoudheid bij de kat. Als een kat met niesziekte een goede (medische) verzorging krijgt is het meestal snel weer over. In sommige gevallen blijven er chronische problemen en in nog veel minder gevallen overlijdt een kat ten gevolge van deze ziekte. Er zijn ook mensen die overlijden ten gevolge van een flinke verkoudheid.
De kat die is ingeënt tegen de niesziekte, kan dus evengoed niesziekte krijgen. Het is te vergelijken met de anti-griep enting bij mensen. Wij hebben inmiddels de ervaring dat een tegen niesziekte ingeënte kat vaak minder ziek wordt dan een niet ingeënte kat.
De enting tegen de kattenziekte moet u 1 maal per twee jaar herhalen. Wilt u de kat een betere bescherming geven tegen de niesziekte dan zou u deze elk jaar moeten herhalen.
Moet een kat naar een pension of ander opvangcentrum informeer dan tijdig welke eisen er gesteld worden betreffende de entingen, want dit kan per pension of opvangcentrum wisselen, maar de enting mag vanwege een wettelijk voorschrift voor de opvangcentra nooit ouder zijn dan 1 jaar.
De kat inenten tegen Rabiës (hondsdolheid) is in Nederland niet verplicht (wijzigingen voorbehouden). Wel moet de kat tegen Rabiës worden ingeënt als deze mee gaat naar het buitenland en in sommige gevallen wenst men een Rabiësenting binnen enkele Nederlandse vakantieoorden zoals Centre Parcs. Dus, voordat u uw dier meeneemt op vakantie, informeer dan tijdig welke entingen nodig zijn, want voor ieder land of vakantiepark gelden andere voorschriften. Terug
Wennen aan het nieuwe huis
Wij vertelden u al dat het verhuizen van de kat van het ene naar het andere tehuis een ingrijpende gebeurtenis is voor een kat. De kat kan er erg nerveus van worden en is de eerste tijd misschien zelfs bang. Vergeet niet dat het dier mogelijk reeds enkele malen van baas is moeten veranderen alvorens de kat bij u kwam. Praat veel tegen hem/haar en wacht totdat het uit zichzelf naar u of uw kinderen toekomt. Forceer niets, dring uzelf niet aan het dier op en u zult bemerken dat het des te sneller gewend is. Toch zal het soms enkele weken duren voordat het dier met de gang van zaken in uw huis vertrouwd is. Ook u heeft tijd nodig om uw dier te leren kennen. Met geduld bereikt u het beste resultaat.
Heeft u meerdere katten in huis dan kunt u de nieuwkomer het best laten wennen door het dier even af te zonderen in een eigen kamertje. Laat het dier daar een dag of twee (met voer en kattenbak) rustig bijkomen van de verhuizing. Wissel het kleedje waarop het dier slaapt na een dag om met een kleedje van uw andere katten, zodat al de dieren aan het vreemde luchtje kunnen wennen. Zet na twee dagen de deur van het kamertje open en laat de kat z’n eigen weg zoeken door z’n nieuwe onderkomen. Laat de deur wel open staan, zodat de nieuwkomer terug kan vluchten naar ‘z’n eigen kamertje’ waar het zich weer veilig voelt. Laat de dieren geheel zelf onderling kennis maken en dring de kennismaking niet op, dit leidt vaak tot problemen. Gaat alles goed dan kunt u de dieren bij elkaar laten. Gaat het niet meteen goed, gebruik het kamertje dan voorlopig nog even, zeker wanneer u niet thuis bent en dus ook niet kunt ingrijpen als er iets fout gaat. Het is normaal dat de dierenhuisgenoten bij een eerste kennismaking tegen elkaar gaan blazen of zitten grommen. Soms zelf meppen of even vechten. U kunt dit heel even aanzien, maar laat het nooit te lang duren en laat de stress niet te ver oplopen. In dat geval zet u de nieuwkomer weer even terug in het kamertje en probeert het later opnieuw, net zolang tot het goed gaat. Je moet soms even geduld hebben en dit kan best wel een maand duren. Neem de tijd, maar geef ook het dier rustig de tijd om te wennen. Blijft het hommeles tussen de katten of worden de boze buien alleen maar erger en bent u al geruime tijd van alles aan het proberen, dan moet u misschien toch beslissen dat het geen succes is. Breng dan de nieuwkomer toch liever terg naar het opvangcentrum of de vorige eigenaar. Maak herover wel altijd van tevoren duidelijke afspraken zodat u niet met een probleem zit als het bij u thuis niet mocht lukken met de dieren onderling. Terug
Wennen aan een nieuwe omgeving
Een kat is een héél gevoelig dier wat betreft veranderingen in of van zijn/haar omgeving. Het overplaatsen van de kat van het ene naar het andere adres is dan ook een zeer ingrijpende gebeurtenis. Een dierenopvangcentrum is, zeker voor de kat, een omgeving waar ze zich meestal niet meteen op hun gemak voelen. Een kat is van oorsprong een dier dat op zichzelf leeft en wordt in een opvangcentrum tussen talloze soortgenoten gedeponeerd. Als het dier eenmaal goed en wel in de opname zit, begint deze aan de situatie te wennen en legt zich bij het lot neer. Dan komt de tijd dat het dier weer moet gaan verhuizen. Was het net gewend en dan komt er weer iemand die het uit de omgeving plukt. Huppetéé, in een tas of mand, mee in de auto of op de fiets (doodeng voor een kat) en dan wordt je na verloop van tijd losgelaten in een huis dat je helemaal niet kent.
U begrijpt dat dit alles voor de kat heel moeilijk is om te verwerken en te begrijpen, al zijn er soms rakkers bij die zich de eerste minuut na binnenkomst gedragen alsof ze er al jaren horen. De kat doet de eerste minuten, uren, dagen heel wat indrukken op. Het moet wennen aan zijn nieuwe huis, de nieuwe verzorger(s), de nieuwe geluiden enz. Al deze gebeurtenissen maken de kat nerveus. Een nerveus dier is vatbaarder voor ziektes c.q. overplaatsingskwaaltjes.
Een dierenopvangcentrum is altijd een besmet gebied; hoe goed men het ook onderhoudt en hoe goed men ook zijn best doet om ziekte te voorkomen, je kan niet altijd alles voorkomen. Er blijven altijd wel bacteriën en virusdeeltjes ronddwarrelen. In zo'n dierenopvangcentrum is dit natuurlijk altijd veel erger dan wanneer er maar 1 of 2 dieren in een huis rondlopen. De dieren kunnen er gezond uitzien en de verzorgers(sters) hebben misschien ook niets aan het dier gemerkt. Toch komt binnen 10 tot 14 dagen na de overplaatsing een eventuele ziekte naar buiten. Een overplaatsing maakt nerveus, maakt stressgevoelig en dit vergroot de kans op kwaaltjes. Terug
Gezondheidsproblemen na overplaatsing
Uit inmiddels opgebouwde ervaring blijkt dat diarree en niezen de meest voorkomende overplaatsingsklachten zijn. Wat kunt u hieraan doen?
Vaak begint de kat een dag of 10 tot 14 na de overplaatsing wat te niezen. Een enkele nies of een enkele niesbui is nog niet zo verontrustend als men vaak denkt. Zolang de kat goed blijft eten en drinken en het dier gedraagt zich niet ziek, dan kunt u rustig afwachten. Vaak gaat het na een aantal dagen vanzelf weer over. Houden de klachten te lang aan of geeft de kat een zieke indruk; wil het niet meer eten of drinken en heeft het een vieze neus of ooguitvloeiing of gaat het erg speekselen, dan moet u wel contact opnemen met de stichting. Dan is een bezoekje aan onze dierenarts geen overbodige luxe.
Wat je na overplaatsing ook nogal eens tegen komt zijn diarreeklachten. Dit komt vaak door stress en andere voeding. Voor de behandeling hiervan kunt u even kijken onder het hoofdstukje over diarree. Terug
Diarree
Heeft uw kat diarree en geeft hij geen zieke indruk, dan kunt u de kat het beste een dag of twee op licht verteerbaar voedsel zetten. Dit is gekookte kip of vis. Diarree (al dan niet met bloedspoortjes) kan wijzen op een wormbesmetting of op een darmontsteking. Een druppeltje bloed in de ontlasting is niet zo erg, als het maar niet te veel is of te vaak voorkomt. Gaat het na een dag of twee met aangepaste voeding weer goed met de ontlasting, schakel dan weer langzaam over op het voer wat u voorheen gaf.
Geeft de kat een zieke indruk of houdt de diarree, ondanks het dieet, te lang aan, ga dan met het dier naar uw dierenarts. Neem voor alle zekerheid wat ontlasting mee, zodat men op de dierenartsenpraktijk de ontlasting kan controleren op sporen van darmparasieten of voor het opsturen naar een laboratorium voor nader onderzoek.
Geef een kat met diarree nooit melk of melkproducten. Terug
Braken
Katten braken om diverse redenen. Het dier kan braken omdat er een haarbal dwars zit, het dier heeft teveel of te koud eten gehad, het dier heeft wat verkeerds gegeten, de kat heeft een maagontsteking of maagdarmontsteking, misschien kan het dier niet plassen of soms nog ergere dingen.
Spuugt de kat z’n eten steeds uit, probeer dan meerdere keren per dag wat kleinere porties te geven en zorg wel dat het voer op kamertemperatuur is. Blijft de klacht na twee dagen hetzelfde of geeft de kat een zieke indruk, ga dan met het dier naar uw dierenarts.
Braakt de kat bloed dan kan dit komen omdat er tijdens het braken een klein bloedvaatje is gesprongen. Mocht het gaan om een druppel bloed en geeft de kat geen zieke indruk, dan kunt u even aankijken hoe het de rest van de dag gaat. Blijft de kat braken of braakt het dier veel bloed op dan kan dit echter ook duiden op een ontsteking in het voorste deel van het spijsverteringskanaal (slokdarm, maag of eerste deel van de dunne darm). In dit geval niet afwachten, maar met het dier naar de dierenarts gaan.
Een kat braakt soms een haarbal uit. Hierover hoeft u zich in de regel geen zorgen over te maken.
Braakt de kat en geeft het dier een zieke indruk, wacht dan helemaal niet af, want dan is er vaak iets meer aan de hand en kan acute hulp nodig hebben. Terug
Braken en kattengras
Een kat likt zichzelf veel. Tijdens het likken komen veel haren naar binnen. Deze haren hopen zich op in de maag en dit vormt een haarbal. Die haarbal ligt voor de kat niet zo prettig op de maag en de kat moet op een of andere manier weer van die haarbal af.
De haarballen worden door de kat uitgebraakt. De kat moet hiervoor het braken opwekken en dat doet zij door het eten van gras of planten. Om te voorkomen dat de kat aan uw mooie kamerplanten gaat zitten kluiven, kunt u voor de kat kattegras in de dierenwinkel kopen. U kunt i.p.v. kattegras ook een parapluplant voor de kat neerzetten. Laat het gras niet dag en nacht staan, want er zijn katten die continu eten aan het gras. In dit geval wordt dus ook continu een braakreflex opgewekt, wat weer kan leiden tot ernstiger klachten.
Pas op met giftige planten. Planten als de Diefenbachia zijn giftig voor katten. Als u een kat heeft kunt u beter de giftige planten uit huis doen. De kat weet niet welke planten giftig zijn, dat moet u voor ze uitzoeken. Voorkomen is, zeker in dit geval, beter dan genezen Terug
Blaasproblemen
Blaasproblemen komen bij katten nogal eens voor. Het is ook eigenlijk het belangrijkste waar u altijd op moet blijven letten, zeker als u een kater heeft. Als een kat veel naar de bak gaat en steeds maar weer gaat zitten om te plassen, zou dit kunnen duiden op een blaasontsteking of (nog erger) een verstopping van de urineweg.
Blaasontsteking geeft bij de kat ook vaak een onzindelijk gedrag, de kat heeft continu plas aandrang en wil overal gaan zitten om te plassen. De plas is vaak wat rood van kleur (bloed).
U vindt dan vaak overal kleine beetjes plas met wat bloed.
Blaasontstekingen kunnen bij alle katten voorkomen; zowel jong als oud, kater of poes en bij katten van ieder ras.
Verstopping van de urinebuis komt nog wel eens bij de kater voor. Dit geeft dezelfde verschijnselen als bij de blaasontsteking; steeds op de bak zitten in plashouding, onzindelijk gedrag en bloed in de urine. De verstopte kater gaat wel in plashouding zitten maar er komt geen of slechts een paar druppeltjes urine uit. Een kat die langere tijd met een overvolle blaas loopt en zijn urine niet met plassen kan kwijtraken, kan urine gaan druppelen. Verstopping van de urineweg kan leiden tot de dood. De verstopte kat kan de urine niet langs de normale weg lozen, de afvalstoffen uit de urine worden dan via de nieren teruggeven aan het bloed en de kat vergiftigt zichzelf. Als niet héél snel wordt ingegrepen, kan de kat binnen 48 uur dood zijn!
Als u merkt dat de kat niet normaal plast of kan plassen of ziet u bloed in de urine, aarzel dan niet, wacht niet af, maar ga zo snel mogelijk naar de dierenarts. U ziet waarschijnlijk zelf niet het verschil tussen een blaasontsteking en een urinewegverstopping. U moet dit altijd zien als een spoedgeval. Hoe blaasontsteking ontstaat is nog steeds niet helemaal bekend, maar blaasontsteking is meestal goed te behandelen.
Een urinewegverstopping ontstaat door het vastlopen van (blaas)gruis in de plasbuis. Kalkzouten slaan neer in de blaas en kan gruis gaan vormen. Dit kan verschillende oorzaken hebben. Over het ontstaan van het blaasgruis is nog lang niet alles bekend. Wat men wel weet is dat gruis gevormd kan worden doordat de zuurgraad van de urine niet goed is, dat de voeding teveel magnesium bevat of het asgehalte te hoog is, maar sommigen beweren dat het zelfs kan liggen aan het hardheid van het water. Een kater (of poes) die blaasproblemen heeft of heeft gehad mag nooit meer voedingen krijgen met een hoog as- en magnesiumgehalte, dus nooit meer ‘gewone’ droogvoeders, want dit kan leiden tot nieuwe blaasklachten. Het voeren van speciale dieetbrokken voor blaasproblemen mag wel en de meeste blikvoeders zijn ook redelijk veilig. Overleg hierover altijd met uw dierenarts en volg de instructies van de arts nauwlettend op.
Haal de speciale blaasbrokjes altijd bij uw dierenarts. Laat u niet misleiden door verhalen op verpakkingen in de winkel of door verhalen van de verkoper in de dierenwinkel. De brokjes uit de dierenwinkel zijn pertinent ongeschikte voeders voor katten met blaasproblemen. De dierenarts is de enige die speciale dieetvoeders verkoopt. Echt! Andere brokjes zijn niet veilig. Ook bijvoorbeeld de voeders van Hills uit de dierenwinkel zijn niet dezelfde. De verpakking ziet er verleidelijk gelijk uit, maar het is niet hetzelfde Hills voer als die van de dierenarts. Terug
Onzindelijkheid
(dit onderwerp is door Stichting Zwerfdier en dierenartsenpraktijk Alkmaar Noord tezamen gemaakt)
Als de kat onzindelijk gedrag vertoont, kan dit komen door een blaasontsteking. Heeft de kat geen last van blaasontsteking (dit kunt u door uw dierenarts laten controleren) dan is er meestal een psychische oorzaak van dit onzindelijke gedrag. Dit kan verschillende oorzaken hebben en kan dus op verschillende manieren worden behandeld.
Kenmerkend is het gedrag van de kat; de kat staat met trillend achterlijf, staart loodrecht omhoog, uw dure spullen onder te plassen. Al is uw kat op tijd gecastreerd/gesteriliseerd en al houdt u uw huis nog zo schoon, het onzindelijke gedrag kan altijd voorkomen.
Wat u nooit moet doen is uw kat met zijn neus door de plas of drol halen of op een andere manier straffen, u kunt de onzindelijkheid hierdoor nog erger maken dan het al was. U moet beseffen dat de kat bijna altijd een reden heeft om onzindelijk gedrag te vertonen. U moet achter die reden zien te komen. U moet de oorzaak aanpakken en niet de gevolgen. Meestal is het onzindelijke gedrag het gevolg van stress, dus psychisch.
Hieronder volgen een aantal voorbeelden waarom uw kat in huis gaat plassen:
- Er zijn veranderingen in de gezinssamenstelling (bijv. een baby geboren, echtscheiding of nieuwe partner, nieuw behang). De kat kan zich hierdoor erg onzeker gaan voelen of krijgt te weinig aandacht.
- U heeft er pas een ander huisdier bij. De ‘oude’ kat voelt zich nu bedreigd.
- Uw heeft uw inrichting veranderd, uw huis verbouwd of u bent verhuisd. Uw kat zal aan de nieuwe situatie moeten wennen.
- U maakt veel ruzie en de kat wordt daar erg nerveus van.
- Er hangt een gespannen sfeer in huis. Uw kat voelt dit goed aan en wordt er nerveus van.
- U verschoond de kattenbak niet vaak genoeg. Sommige katten vinden de bak al te vies als er zelfs maar één plasje in ligt.
- Er komen andere (buurt-)katten in huis waardoor uw kat zich bedreigd voelt.
- Uw kat durft niet meer naar de bak vanwege een slechte ervaring die het dier heeft opgedaan tijdens het bezoek aan de bak. Dit kan komen omdat de kat ergens hevig van is geschrokken toen hij zat te plassen of een andere kat gaat hem tijdens het plassen zitten meppen.
- De kat wil de bak niet delen met andere katten. De kat is gesteld op z’n eigen territorium.
- De kat vindt de vorm van de bak niet goed genoeg. Hij wil misschien in een hoek plassen terwijl hij het moet doen met een ronde bak.
- De kat is bang voor de kap die op de bak zit of durft niet door het toegangsluikje die in de bak zit of uw kat durft juist niet in een open bak te plassen.
- Misschien gebruikt u de verkeerde schoonmaakmiddelen. Katten vinden ammoniak en bleekwater juist heerlijk en plassen daar juist overheen.
- De kat houdt niet van de visite die teveel in te grote getale aanwezig is.
- U heeft een kokosmat voor de deur. Dit vindt de kat wel heel erg lekker om op te plassen.
- Ook kussentjes en dekbedden zijn aantrekkelijk om een plas op te doen.
- Overal in het huis laat u uw schoenen en kleding slingeren en de kinderen laten hun speelgoed overal liggen. De lekkere luchtjes die daaraan zitten vindt de kat heerlijk en voegt zijn luchtje er aan toe.
- De kat kan niet probleemloos bij de kattenbak komen.
We kunnen nog veel meer oorzaken noemen, deze zijn er genoeg. Het minste of geringste wat gebeurt in het leven of de omgeving van uw kat kan genoeg kunnen zijn om onzindelijk gedrag te gaan vertonen. Een onzindelijke kat in huis is geen pretje.
Wat kunt u doen om het onzindelijke gedrag te corrigeren.
Als u de oorzaak heeft gevonden dan probeert u de oorzaak aan te pakken. Misschien is het eenvoudiger dan u had gedacht. Daarnaast kunt u nog wat andere middeltjes proberen die zouden kunnen helpen.
- U maakt de plasplekken als volgt schoon:
Voor het verwijderen van de eiwitachtige componenten uit de urine maakt u de plekken schoon met een warme 10% oplossing van biologisch (enzymatisch) wasmiddel (bijv. Biotex). Hierna met koud water afspoelen en droog deppen. De plek vervolgens besproeien met een alcoholoplossing (bijv. spiritus) of chirurgische alcohol. Soms helpt azijn ook. - U houdt gangdeur en slaapkamerdeuren gesloten.
- U zet de kattenbak op een andere (liefst rustige) plek.
- U zet de voerbak op de plasplaats. Verplaats de voerbak gedurende een periode door het vertrek, zodat het gehele vertrek als voerplaats wordt gezien.
- U zet de voerbak in de buurt van de kattenbak of juist helemaal niet.
- Gebruik eens een ander soort kattenbakvulling, zoals grof grit, fijn grit, turfmolm, houtvezelgrit, krantensnippers, kluitvormend grit.
- U moet de bak veel vaker verschonen, soms al na één enkel plasje.
- Zet er een kattenbak bij; één met een kap en één zonder kap. Zet ze desnoods in verschillende verblijven van uw huis. Haal altijd het klepje uit de toegangsopening.
- Maakt de bak aantrekkelijk door er wat valeriaan- of bleekwaterdruppels in te doen of strooi wat kattekruid in de bak.
- Ruim kleding en speelgoed steeds op en zorg dat de kat er niet bij kan.
- Uw kat wil vaker naar buiten of wil juist meer binnen zijn.
- U kunt uw kat een paar weken uit logeren sturen. Tijdens de logeerpartij maakt u het gehele huis schoon met bleekwater. Als de kat weer thuis komt is mogelijk de slechte gewoonte doorbroken.
- U kunt aluminiumfolie aanbrengen op de plekken waar de kat plast.
- U kunt uw kat tijdens uw afwezigheid of ’s nachts een eigen kamertje geven en maak het daar gezellig voor uw kat (speelgoedjes, lekker slaapplaatsje, schone kattenbak, eten).
Helpen deze tips niet dan kunt u uw dierenarts raadplegen. Het dier kan dan nog worden behandeld met hormoonpreparaten of psychofarmaca. De behandeling met medicijnen is een tijdelijke behandeling. Men hoopt dat met ondersteuning van de medicijnen de vicieuze cirkel kan worden doorbroken. Als dit uiteindelijk ook niet helpt dan zou u nog de hulp van een kattenpsycholoog kunnen inschakelen.
Heeft u alles geprobeerd en heeft niets geholpen dan is er nog maar één mogelijkheid en dat is de kat over (laten) plaatsen naar een ander tehuis.
Er zijn dierenartsen die beweren dat je aan het onzindelijke gedrag van de kat niets kunt doen en dat je zo'n dier maar beter kunt afmaken. Dit is volkomen onterecht.
De stichting heeft inmiddels jarenlange ervaring met het overplaatsen van de onzindelijke katten en wij kunnen u garanderen dat afmaken van de gedragsgestoorde katten beslist niet nodig is. In 99% van de gevallen gaat het na overplaatsing goed met het zindelijke gedrag. Slechts een enkeling blijft onverbiddelijk in huis plassen. Voor dit kleine percentage katten bestaan er dan nog kattenopvangcentra waar de kat voor de rest van het kattenleven kan blijven wonen. Terug
Sloomheid
Sloomheid, veel slapen, niet willen spelen, stil en terughoudend gedrag (soms minder eten en drinken) zijn ziekteverschijnselen waarbij men altijd naar de dierenarts moet gaan. Terug
Vermageren
Als de kat opvallend vermagert dan is er meestal iets meer aan de hand. Je ziet katten in het voor- en najaar nog wel eens wat dunner worden, maar het dier mag niet teveel vermageren. Vermageren kan veroorzaakt worden door bijvoorbeeld veelvuldig braken, nierfalen, suikerziekte, schildklierproblemen of slechte eetlust. Ga met het dier dat aan het vermageren is altijd langs de dierenarts voor nader onderzoek. Terug
Ogen
Vuile ogen kan men schoonmaken met een in gekookt lauw water of afgekoelde looizuurhoudende thee gedrenkt watje (looizuur heeft ook een enigszins ontsmettende werking). Het watje dat men gebruikt moet helemaal nat zijn, er mag geen droge draad meer aan zitten. Als een draadje in het oog blijft zitten, kan dit ontstekingen veroorzaken of de reeds aanwezige ontsteking verergeren. Blijven de ogen, na enkele dagen schoonmaken, nog steeds vuil of zijn ze rood ontstoken, raadpleeg dan uw dierenarts.
Ziet het oog erg rood (ontstoken) uit of knijpt de kat het oog steeds dicht dan is er meer aan de hand. Ga in dit geval altijd even langs de dierenarts om het oog na te laten kijken en te behandelen en wacht dan niet af, want hierdoor zou de schade aan het oog alleen maar groter kunnen worden.
Bij sommige katten (en ook honden) en dan nog meestal bij perzen, zie je vaak rood gekleurde strepen onder de ogen; zogenaamde traanstrepen. Tranen geven deze kleur af aan de vacht. Dit kan veroorzaakt worden doordat de traanbuizen verstopt zijn of misschien zelfs niet eens goed zijn aangelegd (vaak een fokafwijking bij perzen), waardoor de ogen gaan tranen en de ogen het traanvocht niet meer via de traanbuizen het vocht kan afvoeren. Om de vacht rond de ogen goed schoon te krijgen kan je bij de dierenwinkel een speciale ogenreiniger kopen, waarmee je eens in de paar dagen de vacht kunt schoonmaken. Dit werkt erg goed en het dier ziet er dan toonbaarder uit. Terug
Oren
Controleer de oren van de kat regelmatig en let er op dat de oren schoon blijven. Ziet u donkerbruine prut in de oren dat stinkt, dan zou dit oormijt kunnen zijn. Oormijt geeft jeuk, de kat krabt veel aan de oren en schudt veel met de kop.
Ziet u gele of geel/groene troep in de oren en stinkt dit, dan zou dit kunnen duiden op een oorontsteking. Oorontsteking is pijnlijk, de kat schudt dan veel met de kop of houdt de kop scheef.
Ga in beide gevallen met uw kat naar de dierenarts en ga niet zelf in de oren zitten prutsen. De behandeling tegen oormijt is anders dan de behandeling tegen oorontsteking. Haal om deze reden dan ook geen middeltjes bij de dierenwinkel. Bovendien kan de dierenarts met een otoscoop in het oor kijken en zien wat er aan de hand is en kan dan gericht een behandeling instellen. Als u zelf gaat dokteren kunt u meer schade aanrichten dan u denkt. Terug
Huidproblemen
Huidproblemen komen bij dieren veel voor. Het dier zit te krabben, krijgt kale plekken of zit onder de korstjes. Huidproblemen zijn de moeilijkste gezondheidsproblemen die er zijn. Het vaststellen van de oorzaak is hierin meestal het moeilijkst. De meeste huidproblemen worden veroorzaakt door allergieën. Voor katten zijn er geen allergietesten beschikbaar en daardoor moeten de soorten allergieën meestal worden gediagnosticeerd aan de hand van de verschijnselen. Een dier kan overal allergisch voor zijn, net als mensen. De meest voorkomende allergieën bij dieren zijn voedselallergie, vlooienallergie en allergie op basis van de hormoonhuishouding van het dier. Vaak zie je huidklachten regelmatig terug komen. De meest voorkomende allergie is de vlooienallergie. Hierbij zie je het dier zich veelvuldig krabben, bijten en wassen en je voelt veel pukkeltjes op de rug en bij de staartbasis. De vlo heeft bloed nodig om zich te kunnen voortplanten en drinkt het bloed van het dier. De vlo bijt een wondje in de huid en spuit daar een stofje in. De allergie wordt veroorzaakt door dat stofje en gaat vreselijke jeuk veroorzaken. Blijf daarom altijd goed de vlooien bestrijden. De beet of de aanwezigheid van 1 vlo kan soms al genoeg zijn om een lastig te behandelen huidprobleem te veroorzaken en in stand te houden. In dit geval moet u alert blijven op vlooien en deze goed blijven bestrijden. Bovendien moet u niet alleen het dier vlovrij houden, maar moet u ook het huis regelmatig inspuiten met anti-vlooienmiddelen.
In geval van huidklachten kunt u zich het beste laten adviseren door uw dierenarts. Terug
Vlooienbestrijding
In de regel zijn de maanden juli, augustus, september en oktober de maanden waarin men de meeste vlooien zal vinden. De vlo veroorzaakt niet alleen hele plagen, maar ook zijn veel huisdieren zeer allergisch voor vlooienbeten en bovendien is de vlo een tussengastheer voor de lintworm. Vlooien bestrijden is belangrijk. Hoe kunt u dit doen?
Er zijn diverse soorten vlooienbestrijders in de handel zoals banden, spuitbussen, poeders, druppels, pillen, en shampoo’s. Bestrijdingsmiddelen voor gebruik op het huisdier en middelen voor het gebruik in huis en mand.
Als u vlooien vindt dan is echt het allerbelangrijkst dat u het huis goed onder handen neemt. Een vlo legt honderden eitjes en deze vallen op uw vloer of in uw vloerbedekking en daar begint de hele vlooien-ellende. Ook manden, (vloer-)kleedjes en dekentjes zijn lekkere vlooienbroedplaatsen.
U kunt bij uw dierenarts een goede spuitbus kopen voor de bestrijding van vlooien in uw huis (Mand en tapijtspray).
Voor vlooienbestrijding bij de kat werkt het middel Advantage nog steeds het best. Advantage is een middel dat zowel de vlooien als de vlooienlarven doodt en is langere tijd werkzaam.Dit middel is veilig en mag ook bij hele kleine katjes gebruikt worden. Dus, gelijk met het behandelen van de kat, ook het huis behandelen.
Vlooienbanden en vlooienpoeders werken het minst goed.
Als u het vlooienprobleem de kop hebt ingedrukt is het een kwestie van goed bijhouden en het dier regelmatig behandelen (per middel verschillend in gebruik) Er nu een vlooienmiddel (tabletten) op de markt die de vlo steriel maakt (Program). De vlo legt dan onbevruchte eieren en sterft uit.
Een ziek dier mag niet met anti-vlooienmiddelen worden behandeld. Heeft uw zieke kat toch last van vlooien, vraag dan advies aan uw dierenarts.
U kunt uw vlooienbestrijdingsmiddelen het best bij uw dierenarts kopen. Dierenartsen hebben in de regel de nieuwste en best werkende middelen. Terug
Haaruitval
Iedere kat verhaart het gehele jaar door, met een piek in het voor- en het najaar. U kunt de kat helpen met de verharing door het dier regelmatig te borstelen. Tevens kunt u een theelepeltje Becelolie of maiskiemolie door het eten doen. Tegen haaruitval is weinig te doen. Laat u zich niet verleiden door middeltjes als de Lavita-druppels. Deze helpen beslist niet. Bij extreme haaruitval uw dierenarts raadplegen. Terug
Vechtwonden
Vechtwonden komen bij katten nogal eens voor. Het begint met een bult die zacht en warm aanvoelt en steeds dikker wordt (een ontsteking). Op een gegeven moment barst de bult open en komt er een dikke, stinkende, bloederige substantie uit (pus). De kat kan er ziek van zijn, een ontsteking is een pijnlijke aangelegenheid. Laat de wond door uw dierenarts schoonmaken.
Achtergebleven vuil of een niet zorgvuldig behandelde wond kan een nieuwe ontsteking veroorzaken. Rommel nooit zelf aan de wonden. Van uw dierenarts krijgt u een antibioticumkuur en het probleem is zo weer over. Terug
Lintwormen
De kat krijgt meestal een lintworm door het inslikken van een dode, met lintwormeieren besmette vlo. Het lintwormeitje dat de vlo bij zich droeg komt dan in de darm van de kat uit en ontwikkelt zich daar tot een volwassen lintworm. Een lintworm is een platte, witte worm die opgebouwd is uit segmenten. Deze segmenten laten soms los en komen dan de darm (de kat z'n poeperd) uit kruipen.
Het segmentje beweegt vaak nog als het pas de darm uitgekropen is. Is het wormdeeltje opgedroogd, dan lijkt het net een rijstekorrel. Lintworm kunt u bestrijden door een lintwormenkuur bij uw dierenarts te halen. Let er op dat u ook de vlooien bestrijdt, want zoals wij al zeiden; de vlo is vaak de oorzaak van de lintwormbesmetting. Lintworm kunt u regelmatig terugvinden bij het dier. Veel mensen denken dat de kat na een kuur voor altijd van de lintworm af is, maar dat is niet zo. De kat kan steeds weer opnieuw besmet worden.
Haal een lintwormkuur het liefst bij uw dierenarts, want zij hebben in de regel de nieuwste en beste middelen. Terug
Spoelwormen
Bijna ieder dier wordt geboren met spoelwormen. Deze krijgen ze mee via de zogende moeder. De jonge dieren worden meestal gelijk met het inenten ook ontwormd. Zij krijgen dan een pil tegen de spoelwormen Het komt regelmatig voor dat men spoelwormen ook op latere leeftijd terugvindt. Spoelwormen zijn lange, gladde, lichtbruine wormen. Ze zien eruit als elastiekjes. Spoelwormen kan men vinden in de ontlasting of de kat spuugt ze uit.
Vindt u spoelwormen, dan kunt u ook voor deze parasieten het beste een kuur halen bij uw dierenarts. Spoelwormen zijn moeilijk te bestrijden en het zal nodig zijn dat een kuur bestaat uit meerdere tabletten en misschien later nog eens moet worden herhaald.
Ook bij beide wormbesmettingen geldt de regel: haal de wormkuren bij uw dierenarts, want zij hebben de nieuwste en de best werkende middelen. Terug
Geboortebeperking
Geboortebeperking bij katten is van groot belang, want het kattenoverschot en zwerfkattenprobleem wordt steeds groter. Voorlichting over de geboortebeperking is niet alleen voor iedere kattenbezitter belangrijk, maar voorlichting hierover aan kinderen is minstens zo belangrijk. Vertel ook de kinderen dat er al veel te veel katten zijn en dat je altijd moet voorkomen dat er nog meer katten bij komen. Er worden duizenden katten per jaar afgemaakt, omdat ze te veel zijn. Dit moet je ten alle tijden zien te voorkomen. De toekomst voor de pasgeboren kat ziet er niet zo rooskleurig uit. Ingrijpen binnen het kattenbestand blijft helaas noodzakelijk om een nog groter overschot te voorkomen en veel dieren een ellendige toekomst te besparen. Wij willen u hierom ook graag verzoeken om dit door te vertellen aan die kattenbezitters die een nog ongesteriliseerde/ongecastreerde kat hebben, dit in het belang van het dier. Terug
De Pil
De poes wordt tussen de 5 en 9 maanden krols. Zodra zij krols wordt dient u haar de 'poezenpil' te geven en moet u hiermee doorgaan tot de poes gesteriliseerd wordt. De 'pil' kunt u kopen bij uw dierenarts. Het is zeer onverstandig uw kat langere tijd op de poezenpil te houden, want de pil verhoogt de kans op baarmoederontstekingen en melkkliertumoren. Ook niets doen tegen de krolsheid kan dezelfde gezondheidsproblemen veroorzaken. Het meest verstandige is de poes op jonge leeftijd (liefst op 6 tot 7 maanden) te laten steriliseren.
Veel mensen zeggen nog steeds dat een kat eerst een nestje gehad moet hebben alvorens het dier gesteriliseerd kan worden, dit is echter grote nonsens. Een poes die nooit heeft gejongd kan net zo gemakkelijk worden gesteriliseerd, dus dit hoeft beslist geen reden te zijn om een nestje katten geboren te laten worden. Ook kiezen veel mensen voor een nestje katten omdat ze het zo leuk vinden voor de kinderen. Dit is de slechtst denkbare reden. U zou in zo'n geval de kinderen mee moeten nemen naar een asiel en de kinderen laten zien hoe zielig het eigenlijk is dat al die dieren in een asiel zitten. Verreweg de meeste katten die in een asiel zitten waren ooit gewenst. Bedenk en onthoud dat goed. Terug
Kattenbak
Geef de kattenbak een vaste plaats in uw huis. Zorg dat er altijd een bak staat, ook al doet uw kat normaal alles buiten. Het moeten ophouden van de plas is voor een kat niet gezond. Zet de bak zodanig dat de kat er altijd bij kan en gemakkelijk kan vinden.
U kunt de bak vullen met gritkorrels of krantensnippers. Grit absorbeert goed, de luchtjes worden beter opgenomen, de ontlasting kapselt in. Krantensnippers zijn hygiënisch, absorberen slechter dan grit, maar de ontlasting en urine zijn beter na te kijken. Snippers geven minder rotzooi dan grit, maar een bak met snippervulling moet vaker verschoond worden. Zorg er altijd voor dat de bak zo schoon mogelijk blijft, verschoon hem dagelijks. Een kat heeft een hekel aan een vies toilet, net als uzelf. Een vieze bak kan een reden zijn dat de kat elders in huis gaat plassen of kan zelfs ernstige plasproblemen veroorzaken. De bak die te weinig wordt verschoond kan zelfs nog ernstige medische problemen veroorzaken bij het dier en zelfs de mens; in ontlasting dat ouder is dan drie dagen kan zich de toxoplasmosebacterie gaan ontwikkelen en dat zou u liever niet oplopen. Terug
Leren en afleren
Een kat is een eigenwijs dier. Het laat zich niet gemakkelijk iets aan- of afleren. U bereikt niets met een harde aanpak, in tegendeel zelfs. Wilt u de kat iets aanleren, stimuleer het goede aan te leren gedrag door uw kat te belonen d.m.v. een knuffel, een aai of iets lekkers, trek er veel tijd voor uit en wees geduldig. Meestal is het zo dat de aanhouder uiteindelijk wint Wilt u de kat iets afleren, sla het dan nooit, jaag het niet weg en gebruik nooit andere agressieve methodes; u maakt uw kat alleen maar bang voor uzelf. Bovendien kan de kat een onzindelijk gedrag gaan vertonen (uit angst). Gebruik het liefst de plantenspuit om de kat iets af te leren. De kat is immers bang voor water. Terug
Speelgoed
Een kat kan zichzelf normaal gesproken prima vermaken. Natuurlijk... met de gordijnen, uw breiwerk, uw beste pantoffels, etc. Een kat die veel alleen is, verveelt zich stierlijk. Geef hem daarom iets waarmee hij zich kan vermaken. Een propje aluminiumfolie, een leeg garenklosje of leeg pleisterrolletje doen wonderen.
De kat vindt dit vaak erg leuk. Een kat is niet kieskeurig. Bovendien liggen de dierenwinkels vol met speelgoedjes voor de kat. Kijk wel uit met speelgoedjes aan elastiekjes of touwtjes. De kat kan het touwtje of elastiekje doorbijten en opeten en dit kan hele vervelende gevolgen hebben. Meestal poet het dier het wel uit, maar een stukje touw of elastiek kan ook veel schade aanrichten als het in de darm blijft vastzitten. Laat een kat dus niet alleen met zo’n speelgoedje. Terug
Krabpaal
Een kat moet zijn nagels kunnen scherpen. Dit doet hij/zij graag aan uw meubels of uw behang. Om te voorkomen dat het dier zich op uw huisraad stort, kunt u het dier het beste een krabpaal of krabplank geven. Krabspullen zijn in de dierenwinkels te koop, maar u kunt het ook zelf maken. Een stukje zacht hout of vloerbedekking tegen een hoek van de muur, gehangen op ± 1 meter hoogte kan prima als krabplaats fungeren. Ook een oude boomstam is ideaal.
Om de kat aan deze plaats te wennen, kunt u het beste wat valeriaandruppels op de krabplaats doen en/of de kat even met de nagels langs de plank of paal halen. Terug
Wasbeurt
Een kat wassen is in de regel niet noodzakelijk. De kat onderhoudt zichzelf prima. Mocht het nodig zijn dat uw kat toch in bad moet, dan moet u weten dat een kat helemaal niet van water houdt en dat een wasbeurt u uw handen kan kosten.
U zou, als het beslist niet anders kan, uw kat door uw dierenarts onder narcose kunnen laten spuiten of een ander kalmerend middel laten toedienen. Als u de kat wast, let er dan op dat u shampoo neemt die niet schadelijk of giftig is voor de kat. Shampoos met Lindaan zijn voor het gebruik bij katten uit den boze. Lindaan is zeer giftig voor de kat.
Komt uw kat thuis met olievlekken of soortgelijke vlekken dan kunt u bij een autogarage wat zogenaamde garagezeep halen. Deze zeep is speciaal ontwikkeld voor het verwijderen van olie- en smeervlekken.
Spoel de zeep altijd goed uit de vacht en droog het dier goed af. Laat het dier binnen zolang de vacht nog niet geheel droog is. Terug

